Technisch lezen en schrijven start en vervolg

Referentieniveau Schrijven - Algemene beschrijving


1F (minimumniveau eind groep 8)
Kan korte, eenvoudige teksten schrijven over alledaagse onderwerpen of over onderwerpen uit de leefwereld.
1S/2F (streefniveau eind groep 8)
+ Kan samenhangende teksten schrijven met een eenvoudige lineaire opbouw over uiteenlopende vertrouwde onderwerpen uit de (beroeps)opleiding en van maatschappelijke aard.

Leerlijn Technisch lezen en schrijven

In groep 1 en 2 hebben kinderen een behoorlijke woordenschat ontwikkeld en kennis opgedaan over letters en de functies van geschreven taal. Met die basis start in groep 3 het gerichte schrijfonderwijs.
In het beginnend schrijfonderwijs is veel aandacht nodig voor de techniek van het schrijven. Het leren van de juiste schrijfbeweging en leren spellen staan daarbij centraal. Kinderen leren de klanken van een gesproken woord om te zetten in de bijbehorende grafemen en als één woord op te schrijven. Ze beginnen met eenvoudige, klankzuivere woorden (wip, maan). Later komen daar complexere woorden bij (tuin, voor).
Om in groep 3 een goede start te maken met technisch schrijven is het van belang dat kinderen de functies van geschreven taal kennen en ook de relatie zien tussen gesproken en geschreven taal. Zie hiervoor de leerlijnen Functies van geschreven taal en Relatie tussen gesproken en geschreven taal
Ook moeten ze zich bewust worden van de vorm (woorden, zinnen, klanken) van taal. Ze moeten bijvoorbeeld begrijpen dat woorden bestaan uit klanken die corresponderen met letters. Zie hiervoor de leerlijnen Taalbewustzijn en Alfabetisch principe.

 

Tussendoelen Technisch lezen en schrijven

De leerlingen:

    Start
  1. kennen de meeste letters; ze kunnen de letters fonetisch benoemen
  2. kunnen klankzuivere (km- (ik), mk (ja) - en mkm- (vis)) woorden ontsleutelen zonder eerst de afzonderlijke letters te verklanken
  3. kunnen klankzuivere woorden schrijven (maan, poot, lees).

    Vervolg
  4. lezen en spellen klankzuivere woorden (van het type mmkm (stip), mkmm (kast) en mmkmm (kwast))
  5. lezen [en schrijven toch ook?] korte woorden met afwijkende spellingpatronen (flat) en meerlettergrepige woorden [en toch ook woorden als neus, voet etc.?, vallen die onder afwijkende spellingpatronen?]
  6. maken gebruik van een breed scala aan woordidentificatietechnieken
  7. herkennen woorden steeds meer automatisch.

 

Technisch schrijven stimuleren in de praktijk

Eigen letterboekje
Introduceer in groep 3 het eigen letterboekje. Kinderen vullen bij elke nieuwe letter een bladzijde in. Het kind schrijft de letter op en maakt een bladzijde over deze letter, bijvoorbeeld door plaatjes te plakken en tekeningen te maken waarin de letter voorkomt. De letter kan gestempeld worden, uitgeknipt, geverfd enzovoort. Later kan het kind er woorden bijschrijven met die beginletter.

 

Gesprekken over schrijfproduct
Voer zo nu en dan individuele gesprekjes met kinderen over een gemaakt schrijfproduct. Het gaat hierbij om korte interacties. Geef kinderen de ruimte om spontaan te vertellen. Door de gesprekken ontstaat een beter beeld van de schrijfontwikkeling van kinderen. Bovendien is het hierdoor mogelijk kinderen gerichter te begeleiden tijdens nieuwe schrijfactiviteiten.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Contact

Proclaimer

Colofon

Copyright EN. Alle rechten voorbehouden

 


© 2010 Expertisecentrum Nederlands

Toernooiveld 210

6525 EC Nijmegen

(Campus Radboud Universiteit Nijmegen)